Opent in een nieuw tabblad

Waarom is investeren in preventie effectiever dan verzuim bestrijden?

Berend Moerdijk ·
Groene plant met zichtbare wortels in witte keramieken pot op licht oppervlak, gefotografeerd van bovenaf in minimalistisch daglicht.

Investeren in preventie is effectiever dan uitsluitend verzuim bestrijden wanneer je daarmee oorzaken in het werk aanpakt voordat medewerkers uitvallen. Werkdruk, een onveilig werkklimaat en fysieke belasting vragen om passende maatregelen en tijdige ondersteuning. Valt iemand toch uit, dan blijven goede begeleiding en re-integratie noodzakelijk.

Waarom investeren in preventie in plaats van alleen ziekteverzuim bestrijden?

Het verschil is het moment waarop je kunt handelen:

  • Bij preventie kun je signalen bespreken en risico’s in het werk verminderen terwijl een medewerker nog aan het werk is.
  • Bij alleen verzuim bestrijden begint de aanpak na de ziekmelding. Dan zijn herstel en terugkeer naar werk de eerste opgaven.

Dat eerdere moment doet ertoe. In 2023 telde TNO 64 miljoen verzuimdagen, waarvan 26 miljoen werkgerelateerd waren. Dat betekent niet dat al die dagen te voorkomen waren. Het laat wel zien waarom het werk zelf een plek moet krijgen in je aanpak, naast goede begeleiding voor medewerkers die ziek worden.

Even sparren over wat GOED kan betekenen?
Vertel ons wat er speelt. We denken graag met je mee en kijken samen naar wat wél kan.

Neem contact op →

Welke oorzaken van ziekteverzuim kan een werkgever op het werk aanpakken?

Werkdruk, een onveilig werkklimaat en fysieke belasting zijn risico’s waarop je als werkgever invloed kunt uitoefenen. Denk aan een team waarin de overdracht steeds onder tijdsdruk gebeurt, conflicten die blijven liggen of werk waarbij iemand langdurig dezelfde beweging maakt. Een ziekmelding vertelt je niet vanzelf of zulke omstandigheden een rol spelen.

TNO rekent onder meer te hoge werkdruk, conflicten en emotioneel te zwaar werk tot psychosociale arbeidsbelasting. Verzuim door die belasting was in 2023 goed voor 14 miljoen verzuimdagen. Bij fysieke belasting kijkt TNO bijvoorbeeld naar zwaar werk, herhaalde bewegingen en lang achter een computer werken.

Vraag medewerkers daarom hoe het werk verloopt: waar loopt de druk op, wat maakt een taak zwaar en kunnen mensen problemen veilig aankaarten? Zo zoek je naar achterliggende oorzaken zonder een individuele ziekmelding tot bewijs van één oorzaak te maken.

Hoe kun je ziekteverzuim voorkomen?

Ziekteverzuim voorkomen begint met een signaal dat je bespreekbaar maakt, gevolgd door een maatregel waarvan je controleert of die helpt. Als medewerkers aangeven dat deadlines telkens samenvallen, is de vraag niet alleen wie de druk ervaart, maar ook hoe het werk wordt gepland en verdeeld.

Betrek medewerkers bij de keuze van een oplossing. Arboportaal adviseert werkgevers om werkdruk met werknemers en de ondernemingsraad te bespreken en later na te gaan of maatregelen afdoende zijn. Spreek dus ook af wie een verandering uitvoert en wanneer je opnieuw vraagt of het werk beter te doen is. Een gesprek vóór de ziekmelding geeft meer ruimte om iets aan het werk te veranderen; het is geen garantie dat niemand uitvalt.

Welke preventieve maatregelen moet een werkgever treffen?

Als werkgever moet je beleid voeren om die belasting te voorkomen of te beperken. Deze checklist verbindt die verplichting aan het dagelijkse werk:

  • Breng het risico in kaart. Neem werkdruk op in de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Vraag medewerkers waar de belasting ontstaat, in plaats van alleen een algemeen risicovakje aan te kruisen.
  • Leg maatregelen vast. Zet in het Plan van Aanpak wat je tegen werkdruk doet. Benoem ook wie de maatregel uitvoert en wanneer je beoordeelt of die werkt.
  • Licht medewerkers voor. Vertel welke risico’s er zijn en welke maatregelen de organisatie heeft getroffen. Maak duidelijk waar iemand een signaal kan bespreken.
  • Laat het verzuimbeleid aansluiten op de organisatie. Volgens Arboportaal moet dit beleid passen bij de aard, omvang en cultuur van het bedrijf. Het is formeel pas van toepassing na instemming van de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging.

Een RI&E is daarmee het begin van een gesprek en een keuze, niet het eindproduct. GOED gebruikt Chepp om knelpunten op de werkvloer via de RI&E inzichtelijk te maken. De praktische toets blijft wat er daarna verandert voor de mensen die het werk doen.

Wat valt er onder preventieve zorg voor medewerkers?

Preventieve zorg kan bestaan uit vroeg contact met de bedrijfsarts, onderzoek dat aansluit op gezondheidsrisico’s in het werk en ondersteuning bij werkstress. Een medewerker met stresssignalen kan volgens Arboportaal ook gebruikmaken van het preventieve open spreekuur van de bedrijfsarts of met een vertrouwenspersoon praten.

Als leidinggevende hoef je geen diagnose te achterhalen. Vraag wat iemand nodig heeft om te kunnen werken en welke omstandigheden in het werk aandacht vragen. Laat medische beoordeling bij de bevoegde professional.

Voor onderzoek naar werkgebonden gezondheidsrisico’s biedt GOED een periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek of preventief medisch onderzoek (PAGO/PMO). Daarbij geeft de bedrijfsarts advies op basis van de actuele RI&E; het traject omvat een vragenlijst, een gesprek en medisch onderzoek. De medewerker krijgt persoonlijke terugkoppeling, terwijl de organisatie een geanonimiseerde groepsrapportage ontvangt. Die scheiding maakt het mogelijk om patronen in het werk te bespreken zonder individuele medische informatie als managementinformatie te behandelen.

Bij bijvoorbeeld werkstress of conflicten kan inzetbaarheidscoaching passen, zowel preventief als tijdens ziekte of re-integratie. De gespreksinhoud blijft vertrouwelijk. Bij trauma, depressie of andere ernstige psychische klachten is coaching niet altijd passend; verwijzing naar een psycholoog kan dan beter zijn.

Even sparren over wat GOED kan betekenen?
Vertel ons wat er speelt. We denken graag met je mee en kijken samen naar wat wél kan.

Neem contact op →

Wat kost verzuimpreventie vergeleken met ziekteverzuim?

De kosten van verzuimpreventie hangen af van de gekozen maatregel en van de inzet die jouw organisatie ervoor nodig heeft. Een offerte voor onderzoek, aanpassing van werk of begeleiding kun je daarom niet zinvol naast één landelijk besparingsbedrag leggen.

  • Preventie kost: de prijs van de maatregel, plus de tijd om medewerkers te betrekken, de verandering uit te voeren en het effect te controleren.
  • Verzuim kost: onder meer loondoorbetaling. Bij ziekte betaalt een werkgever volgens UWV doorgaans maximaal twee jaar loon door, minimaal 70% van het brutoloon; een cao of arbeidsovereenkomst kan meer voorschrijven. In het eerste ziektejaar moet je het loon aanvullen tot het minimumloon als het brutoloon daaronder komt; ook pensioenpremie en vakantiegeld lopen door.

De omvang is aanzienlijk: TNO schatte de landelijke loondoorbetalingskosten bij ziekteverzuim in 2023 op € 20 miljard, waarvan € 8,3 miljard bij werkgerelateerd verzuim. Dat is context, geen bedrag dat een afzonderlijke maatregel kan besparen. Leg voor een investeringsbesluit de offerte naast je eigen verzuim, loondoorbetalingskosten en de risico’s die je daadwerkelijk wilt aanpakken. Neem ook mee of het werk voor medewerkers beter te doen wordt.

Hoe ga je om met ziekteverzuim als een medewerker toch uitvalt?

Als een medewerker uitvalt, volg je de procedures uit het ziekteverzuimbeleid en maak je duidelijk wie waarvoor verantwoordelijk is. Zo’n beleid beschrijft volgens Arboportaal de stappen voor zieke medewerkers en betrokken functionarissen, inclusief hun taken en bevoegdheden. Een verzuimgesprek is geen verhoor: houd de aandacht bij contact, ondersteuning en wat wél kan.

Verzuimbegeleiding ondersteunt het herstel vanaf de ziekmelding; re-integratie gaat over stappen terug naar werk. Tijdens de loondoorbetaling werken werkgever en werknemer samen aan re-integratie. Dat vraagt om heldere afspraken en opvolging, ook als de organisatie veel aan preventie doet. Voldoe je alsnog aan de re-integratie-eisen, dan kun je UWV met een bekortingsverzoek vragen een opgelegde extra loondoorbetalingsperiode te stoppen. Oordeelt UWV na twee jaar dat de werkgever onvoldoende aan re-integratie heeft gedaan, dan kan het extra loondoorbetaling van maximaal een jaar opleggen.

Bij GOED werken inzetbaarheidsdeskundigen in de verzuimbegeleiding onder taakdelegatie van de bedrijfsarts. De bedrijfsarts blijft daarbij eindverantwoordelijk.

Wat is een goed ziekteverzuimpercentage?

Een goed ziekteverzuimpercentage is geen vast landelijk streefcijfer. Vergelijk jouw organisatie met een passende sector en bedrijfsgrootte, en volg de ontwikkeling over vergelijkbare perioden. Kijk daarnaast naar signalen die nog niet in een verzuimcijfer zichtbaar zijn, zoals aanhoudende werkdruk of medewerkers die problemen niet durven aankaarten.

Het percentage is het aantal ziektedagen gedeeld door het aantal beschikbare werkdagen in een periode, volgens de definitie van het CBS. Voor alle economische activiteiten samen bedroeg het verzuim in 2025 5,4%. Dat landelijke cijfer is geen doel voor ieder bedrijf: in het eerste kwartaal van 2026 rapporteerde het CBS 2,8% bij bedrijven met minder dan 10 werknemers, tegenover 6,8% bij bedrijven met 100 of meer werknemers.

Vergelijk bovendien een kwartaal liever met hetzelfde kwartaal in eerdere jaren. Volgens het CBS is verzuim in de winter doorgaans hoger dan in de zomer. Een daling ten opzichte van het vorige kwartaal kan dus iets anders vertellen dan een daling ten opzichte van een jaar eerder.

Preventie vergroot de ruimte om vóór uitval te handelen

Preventie maakt het mogelijk om beïnvloedbare risico’s in het werk aan te pakken voordat een ziekmelding de aandacht naar herstel verlegt. De waarde ervan blijkt niet uit een algemeen besparingsbedrag, maar uit wat een passende maatregel in jouw organisatie verandert. Begeleiding en re-integratie blijven nodig voor wie toch uitvalt.

Kies één terugkerend risico, bespreek met medewerkers wat er in het werk speelt en wijs een eigenaar aan voor een maatregel. Leg meteen vast wanneer je controleert of die helpt, ook aan de hand van werkplezier en vertrouwen. Zoek je ondersteuning bij die keuze, dan kan een gesprek met GOED een volgende stap zijn.